De beginjaren van het Varend Corso: ‘We wilden het leuk en sexy maken’

Door Kristianne van Blanken 10 juni 2019

Het jaarlijkse Varend Corso is in Westland al jaren een begrip, maar hoe ontstond het ruim twintig jaar geleden eigenlijk? Piet Vellekoop (76) uit De Lier en Hans Hoogerwerf (66) uit Vlaardingen weten het als geen ander. Zij stonden aan de wieg van het met bloemen en groenten versierde botenspektakel.

Onder het genot van een kop koffie en met plakboeken uit de jaren ’90 op tafel begint Piet te vertellen over het ontstaan van het Varend Corso in Westland en over de eerste edities, maar ook over de periode die hieraan vooraf ging. Het evenement komt namelijk voort uit verschillende parades die Westland destijds kende. Zo waren er al rijdende fruit- en bloemencorso’s in Naaldwijk en ’s-Gravenzande en werd in De Lier al jaren een gondelvaart gehouden.

Piet, die in die tijd mede-eigenaar was van Zuidkoop in De Lier, een bedrijf dat gespecialiseerd is in bloemsierkunst, werd als bloemenarrangeur bij verschillende corso’s betrokken. Bij de optochten in Aalsmeer en Naaldwijk bijvoorbeeld. Ook werd hij jurylid bij het corso van Eelde, een rol die hij later ook bij de gondelvaart in zijn woonplaats op zich nam.

Het Varend Corso komt voort uit verschillende parades die in Westland gehouden werden

Het corso van Eelde maakte indruk op Piet: ‘’Dat was echt prachtig en heel creatief.’’ De Lierse gondelvaart kon hier volgens hem een voorbeeld aan nemen. Om de stoet met boten meer allure te geven, probeerde hij grote bedrijven aan de varende optocht te verbinden. Die konden er voor zorgen dat er écht mooie corsoboten mee zouden varen. ‘’Bedrijven zoals Rijk Zwaan en Enthoven Elektra hebben fors in de bus geblazen.’’ Tegelijkertijd met deze ontwikkeling gingen ook bloemen een steeds grotere rol spelen bij de gondelvaart.

Eerste Varend Corso

Piet legt uit dat toen in Poeldijk de wens ontstond om een varend bloemencorso te organiseren, onder meer de organisatoren van de gondelvaart in De Lier en het rijdende corso in Naaldwijk met elkaar om de tafel gingen zitten. Ook Ties Elzinga, die destijds burgemeester van Naaldwijk was, was hierbij aanwezig. ‘’Dat was in 1997, een jaar dat ik nooit zal vergeten.’’ Het was het jaar waarin zijn bedrijf afbrandde.

Piet Vellekoop

Uit het overleg kwam in 1998 een nieuw comité voort dat nog datzelfde jaar het eerste Varend Corso door Westland organiseerde. De brand en het eerste Varend Corso blijven voor Piet onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Niet in dank afgenomen

‘’Dat ik bij de totstandkoming van het Varend Corso betrokken was, werd me hier in het dorp niet in dank afgenomen’’, blikt Piet terug. De gondelvaart bloedde hierdoor volgens hem een beetje dood. En dat vonden ze in De Lier niet leuk.

In tegenstelling tot de gondelvaart, werd het Varend Corso al snel jaarlijks groter. Maar klein, dat was het evenement vanaf het begin al niet. Die eerste editie deden er al zo’n zestig tot zeventig boten mee. Er kwamen het eerste jaar zo’n honderdduizend bezoekers op af.

Corso leuk en sexy maken

Waar de gondelvaart volgens Piet vooral een cabaretesk karakter had, was het corso volgens hem hoofdzakelijk mooi. ‘’Maar we wilden het ook leuk en sexy maken. Om het publiek te prikkelen.’’

Dat was een proces: ‘’In de beginjaren was het best moeilijk om het Varend Corso goed neer te zetten’’, legt Piet uit. Hij zat acht jaar in het bestuur van de organisatie en was een belangrijke creatieve geest achter het geheel. Het comité bood in de beginjaren ontwerpen voor boten aan. ‘’De droom van iedere ontwerper is om een verhaal beeldend en theatraal over te brengen. Met een kop en een staart.’’ Maar dat creatieve ideeën niet zomaar door iedereen werden opgepikt, daar kwam de  organisatie al snel achter.

De grote bedrijven die het corso financieel steunden, hadden andere belangen dan de organisatie van het corso. Piet: ‘’Bedrijven wilden zichzelf profileren, wilden hun logo’s laten zien. Ik had daar moeite mee: ‘Wil je bijdragen aan een mooi corso of jezelf profileren?’, vroeg ik me af’.”

Gevecht

De bemiddeling tussen artistieke en commerciële belangen was volgens Piet constant een gevecht. ‘’A hell of a job. En dat is nog steeds moeilijk.’’

Een andere uitdaging was het volgens de Lierenaar om de bemanning van de corsoboten in het gareel te houden. ‘’Daar zijn we jaren mee bezig geweest.’’ Om ze bij het thema dat de arrangeur bedacht aan te laten sluiten bijvoorbeeld. ‘’En dat deelnemers dus witte pakken met rode stippen zouden dragen als de arrangeur dit bij het thema vond passen. Dat kostte best moeite.’’

Tact was en is in dit soort kwesties het sleutelwoord. ‘’Maar dat was en is niet mijn sterkste zijde, waardoor dit weleens tot conflicten leidde.’’ Beter met tact was en is Hans volgens hem.

Hans schuift later aan bij het gesprek en is net als Piet vanaf het begin bij het Varend Corso betrokken. ‘’Ik werkte bij Zuidkoop en mocht meehelpen om een boot op te maken. Trots dat ik was toen het corso eenmaal voer. Terwijl ik maar aan één boot gewerkt had.’’

Het eerste bestuur van het Varend Corso

Plakboeken

De twee heren kunnen wel blijven praten over het Varend Corso. Ze slaan zo nu en dan de plakboeken open, waar foto’s van de eerste edities van het Varend Corso in zitten.

Hoewel het spektakel zoals het vandaag de dag georganiseerd wordt in grote lijnen hetzelfde is als tijdens die eerste jaren, zijn er in de loop der jaren een aantal veranderingen doorgevoerd. ‘’De invoering van het kindercorso en de invoering van de ‘Duit voor een schuit’ zijn twee hele belangrijke’’, aldus Hans. Ook het verplaatsen van de start van Maasdijk naar Naaldwijk en de inbreng van de dorpskernen moet absoluut genoemd worden.

Waar onder bedrijven gelijk veel animo was om mee te doen, kostte het in de beginjaren namelijk moeite om ook de dorpskernen mee te laten varen. Dit gebeurde tijdens de eerste edities dan ook niet. Piet: ‘’Dat de kernen mee gingen varen is wel het grootste keerpunt geweest.’’ De dorpen zijn volgens hem belangrijk omdat ze geen commercieel belang hebben, maar wel voldoende vrijwilligers en ideeën. ‘’Dan is er op artistiek gebied veel meer mogelijk.’’

Opvallend genoeg stond De Lier, net als Poeldijk en Kwintsheul, volgens Piet als één van de eerste kernen te trappelen om mee te doen. Ondanks de frustratie over de doodgebloede gondelvaart en ondanks het feit dat de tocht helemaal niet door het dorp heen vaart. ‘’Dat is absoluut nog steeds een pijnpunt’’, benadrukken beide heren. De vaarten in het dorp waren simpelweg niet in de route in te passen. En dit is helaas nog steeds het geval.

Hans Hoogerwerf

Lees ook:

Save the date! Kom in augustus genieten van het Varend Corso!

Het duurt nog even, maar we willen zéker niet dat je dit jaar het Varend Corso mist. Noteer daarom n...

adv.