Direct van de boer op je bord: zo gaat dat in Eindhoven

wasvenboerderij
Het winkeltje van de Wasvenboerderij. Foto: indebuurt

Heel romantisch: eieren kopen bij de fladderfarm, of een kaasplankje bestellen van de Genneper Hoeve, bij je favoriete restaurant. ‘Korteketenverkoop’ heet dat. Steeds vaker worden landbouwproducten rechtstreeks, of via één tussenschakel aan de consument verkocht, blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS. Benieuwd hoe dat in Eindhoven zit? Wij zochten het uit.

LocalFocus berekende welk deel van de boeren in jouw regio op deze manier een deel van hun waar verkoopt. Dit cijfer is alleen bekend van gemeenten waar minimaal tien boeren hun producten (vrijwel) rechtstreeks vanaf het land op je bord brengen. Dit valt op:

  • Twintig procent van de Limburgse boeren doet aan korteketenverkoop. Dat is het hoogste aandeel van alle provincies.  
  • Ook in Noord- en Zuid-Holland is deze vorm van verkoop populair onder de boeren. 

En in Eindhoven?

In onze stad verkopen minder dan 10 van de 19 boeren direct of via één schakel aan de consument. In Veldhoven doen 10 van de 27 boeren dit. In Waalre minder dan 10 van de 13 weer niet en in Nuenen maar 12 van de 49. Het verschilt dus nogal.

Rechtstreekse verkoop minder belangrijk

Het aantal landbouwbedrijven dat op deze manier een deel van hun omzet binnenhaalt, is gestegen van bijna 11 procent in 2017 naar krap veertien procent vorig jaar. In totaal gaat het om ruim zevenduizend boerenbedrijven die een deel van hun waren zo verkoopt. Dat gebeurt meestal via één tussenschakel, bijvoorbeeld via een restaurant, groenteboer of tuincentrum. Rechtstreekse verkoop aan de consument is, althans wat de opbrengst betreft, een stuk minder belangrijk voor de boer. 

Zo zat dat in de rest van Nederland: