Wous en Zweetkakkers: 8 x Dordtse uitspraken en wat ze betekenen

Door Caty Groen 29 juli 2018

Een tijdje terug schreven we een artikel over waar het Dordtse dialect vandaan komt (het artikel lees je hier). De meeste informatie hiervoor kwam uit het boek ABCDordt. Een boekje dat je als Dordtenaar echt in je kast moet hebben staan, vinden wij. Iedere week halen we er een aantal Dordtse uitspraken uit. Natuurlijk vertellen we ook wat ze betekenen. Denk je nou: goh, deze uitspraken ken ik helemaal niet. Dat kan, er staan ook hele oude in namelijk.

<< < Pagina 1 / 8 >
⟵ swipe swipe ⟶

Water- en windkapsel

slordig haar; kapsel dat door de war is

Wie z’n zus? Wie z’n broer?

hoe zeg je?; hie bedoel je?; wat zeg je me nou?
Voorbeeld: De één: “Weet je waar Schompie wôôn?” – De ander: “Wie z’n zus?”

Wimme

willen we
(“wimme dâ wel doen?”)

Wous

vreemd figuur; snoeshaan

Zeevismart

Op dit pleintje naast de Waalsche Kerk werd rond het eind van de vorige eeuw veel zeevis en riviervis (zalm, elft en steur) ter markt gebracht. Riviervis werd op de ‘groote zeevischmarkt’ niet door vrouwen, zoals in de meeste steden, maar door mannen ter verkoop aangeboden

Ziekefonsfietsjie

bril met rond, ijzeren montuur
(Nederlands: ziekenfondsbrilletje)

Hij zie Zwart van magerigheid

hij ziet er erg mager uit

Zweetkakkers

zweetvoeten
(Nederlands: zweetkakkies)

<< < Pagina 1 / 8 >
⟵ swipe swipe ⟶

Meer over

Dordtenaren

adv.