Hoe stadsdichter Robin zijn benoeming ervaart! (In rijmvorm, uiteraard)

Door Janneke Pol 13 augustus 2019

Onze nieuwe stadsdichter, hij heet Robin Bleeker. Hij is 33 jaar en ervaren schrijver en spreker. De artistieke Deventenaar kan rijmen, al hoeft dat niet. Want poëzie gaat om metrum, zoals dat ook geldt voor een lied. Om eens te testen hoe dat is, het maken van een ‘stukkie dicht’. Doet indebuurt wel even mee, door rijmelarij in dit bericht.

Robin is een artistiek persoon, geen kapsones te bekennen. Aan de titel Stadsdichter, moest hij best even wennen. Hij werd voor deelname aangespoord door familie en bekenden. Zíj hebben hem overgehaald om zijn werk eens in te zenden. Een cv? Dat had hij niet. Althans, dat is wat hij dacht. Tot bij de inschrijving voor stadsdichter, hij had meer gedaan dan ooit verwacht! Bijvoorbeeld op zijn zestiende, de finale van het Kleinkunstfestival. Hij richtte me met name op cabaret, maar ook voordragen deed hij al.

Later, door de jaren heen. Heeft hij zich bekwaamd in poëzie. Wel in de vorm van liedschrijver, maar zo’n groot verschil is dat ‘nie’. Een lekker stukje tekst met metrum, in de maat. Dat is waar het zowel bij lied als poëzie volgens hem om gaat. De opdracht voor deelname? Het schrijven van drie dichtstukken. Eentje over Deventer, de rest moest zijn stijl uitdrukken.

De jury bleek erg enthousiast, ze belden Robin al snel. Normaal is hij een kalm persoon, maar dit overviel hem wel. Zeker op het podium, tijdens het Tuinfeest kortgeleden. Dat publiek luistert namelijk bijzonder goed tijdens een optreden. Gelukkig mocht hij rekenen op compliment na compliment en ziet hij het Tuinfeest als een mooi startmoment.

Zijn voorbeelden op dichtgebied? Daarop weet hij het antwoord vrijwel direct. Voor Willem Wilmink, Menno Wigman en Koenraad Goudeseune heeft hij respect. Het werk van deze drie dichters leest hij erg graag. Zij dichten in begrijpelijke taal, maar wel altijd met extra laag. Ook het werk van Wibo Kosters, zijn voorganger, vindt hij goed. Al zou hij niet weten hoe hij hun werk vergelijken moet. Ze hebben ieder een eigen stijl, een andere manier van dichten. Wel gaf Wibo goede tips, bijvoorbeeld dat Robin zich op het plezier moest richten. Genieten van deze jaren, dat hij Stadsdichter mag heten. Wat het hem allemaal nog brengt? Hij zou het niet precies weten.

Doel binnen de twee jaren, waarin hij zich Stadsdichter mag noemen? Plannen zijn er al genoeg, maar hij kan ze nog niet benoemen. Deze zijn namelijk nog zo vaag, verre van concreet. Hij laat het ons direct merken, zodra hij er meer over weet. Wat vaststaat is dat hij zijn publiek geregeld wil vermaken. Met rijmwerk, voordracht en gedichten die ze raken.

Tot slot een belofte van indebuurt: de rest van de artikelen is weer gewoon geschreven. Want voor het Sinterklaastijd is, duurt het natuurlijk nog wel even.

adv.