Delft

×

indebuurt categorieën

Meer indebuurt

Service

Vroeger ging het openbaar vervoer naar Delft over het water

Door Michiel de Haan 30 mei 2020

Tegenwoordig kun je op verschillende manieren met het openbaar vervoer naar Delft reizen zoals de trein, de tram of de bus. Eén vorm van openbaar vervoer bestaat niet meer: de trekschuit. Twee eeuwen lang reisde je over het water het snelst en betrouwbaarst naar Delft. Zo ging dat eraan toe.

In de zeventiende en achttiende eeuw was de trekschuit het belangrijkste vervoersmiddel van Nederland. Met deze schuit reisde je in twaalf uur tijd van Amsterdam naar Delft. Wel moest je dan onderweg vier keer overstappen. Tegenwoordig doe je dat met de trein natuurlijk een stuk sneller, maar voor die tijd was het een bijzonder efficiënt vervoersmiddel. Weinig andere landen hadden zo’n goed openbaar vervoersnetwerk. Zeker omdat de trekschuiten vaak voeren en zelden vertraging hadden.

De trekschuit

Zoals de naam al doet vermoeden was een trekschuit een boot die werd voortgetrokken door een paard dat langs het water liep. Hiervoor werden relatief lichte en ondiepe boten gebruikt van zo’n elf bij twee meter. Aan boord was ruimte voor 24 tot 30 passagiers. Net als de trein tegenwoordig had de trekschuit twee klassen. Tweede klas passagiers zaten dicht op elkaar gepakt op houten bankjes onder een tentdoek. Voor eerste klas passagiers was er een houten cabine waar ze meer ruimte hadden.

Voor de trekschuiten werden er zoveel mogelijk bestaande waterwegen gebruikt, die werden uitgediept en rechtgetrokken. Voor de paarden werd er langs het water een speciaal pad aangelegd: het jaagpad. Op het paard zat een ruiter die de jager heette. Vaak was dit een jongen, bijvoorbeeld de zoon van de schipper, zodat het paard niet te zwaar beladen was. Het paard zat met een stevig touw vast aan een korte mast op het schip.

Knooppunt

De eerste reguliere trekschuitverbinding vanuit Delft kwam in 1636 tot stand over de Vliet tussen Delft en Leiden. Twee jaar later werd ook Den Haag op deze route aangesloten met een splitsing in de Vliet ter hoogte van het huidige Drievliet. De verbinding tussen Den Haag en Delft was de drukst bevaren route van Nederland. Tussen half zeven ’s ochtends en zeven uur ’s avonds vertrok er elk half uur een schuit vanuit Delft naar Den Haag en omgekeerd. In Delft konden passagiers opstappen bij de Haagse poort aan de Noordzijde van de huidige binnenstad.

Vanaf 1643 vertrok er vanuit Delft ook een trekschuit richting Maassluis en in 1655 volgden verbindingen richting Rotterdam, Vlaardingen en Schiedam. Delft werd hierdoor een belangrijk knooppunt in het netwerk van trekschuiten in Zuidelijk Holland. In de zeventiende eeuw reisden er tussen Delft en Rotterdam jaarlijks 120.000 passagiers met de trekschuit. Hoewel de schuiten voornamelijk bedoeld waren om passagiers te vervoeren, namen ze soms ook vracht mee. Jeneverstokers uit Schiedam gebruikten de boten bijvoorbeeld om hun drank naar Delft te vervoeren. Dit leidde soms tot gezellige taferelen aan boord.

In de negentiende eeuw verloor de trekschuit zijn populariteit. In het begin van die eeuw werden er betere wegen aangelegd tussen de steden waarover snelle en comfortabele koetsen reden. De trekschuit werd hierdoor echt een vervoersmiddel voor arme mensen. De opkomst van de trein en de stoomboot betekende het definitieve einde voor de trekschuit. In 1847 kreeg Delft een treinstation en zo’n twintig jaar later werd de trekvaartverbinding tussen Delft en Den Haag opgeheven. Daarmee kwam er een einde aan een vorm van openbaar vervoer die ruim twee eeuwen bestaan heeft.

Bronnen:

Margriet Panman, Met de trekschuit op reis vanuit Delft op geschiedenisvanzuidholland.nl
Trekvaarten in Zuid-Holland op geschiedenisvanzuidholland.nl

Lees ook:

Het eerste spoor bij Delft liep in een hele gevaarlijke bocht: dit is de opmerkelijke reden

Het spoor is tegenwoordig niet meer weg te denken uit onze stad. De trein rijdt hier dan ook al sind...

Meer over

Toen in Delft

adv.