WilFab was adjunctdirecteur, maar is nu dakloos: ‘het kan iedereen overkomen’

Aangeboden door Stichting Perspektief 8 december 2018

Je ziet ze misschien wel eens: de daklozen die overnachten in de opvang aan de Spoorsingel. Veel van deze mensen hebben een bijzonder verhaal. WilFab is één van hen. Ooit was hij adjunctdirecteur, maar nu is hij dakloos. Hij schreef zijn verhaal op.

‘Daar stond ik met een lullig groen tasje met kleding voor twee enorme bruine deuren. Het leken de poorten naar de hel wel. Zou ik durven aanbellen of moest ik me maar omdraaien en weggaan… De keus was niet aan mij, want ik had geen onderdak meer, ik was dakloos. Mijn vriendin vond het na een relatie van 13 jaar genoeg en had me verzocht het flatje te verlaten.’

De majestueuze trap in de nachtopvang

‘Nu was het zover; ik stond op straat en had geen alternatief. De bel van het grote pand prikte in m’n ogen en trok me naar zich toe. Bibberend van angst en met het zweet op m’n rug drukte ik op de bel. Een hoge ‘tring’ weerklonk en ik wist: nu kan ik niet meer terug. Eén van de twee deuren ging open en een jongeman stond bij de ingang. Hij gaf me een hand en vroeg me hem te volgen naar het kantoor. Het enige dat ik zag was een majestueuze trap die de linkerkant van het pand voor zich opeiste.’

‘Op kantoor werden me de regels uitgelegd en werd me een kamer toegewezen. Het werd kamer 6 op de eerste verdieping. Mijn knieën leken wel van rubber toen ik de trap besteeg en over mijn schouder naar beneden kijkend zag ik een aantal vreemde figuren op de begane grond rondlopen. Wat de jongeman allemaal vertelde weet ik niet meer, maar het klonk me in de oren als Abracadabra.’

‘Aangezien ik hartpatiënt ben en slechte longen heb, werd het knikken van de knieën erger en het leek wel of ik bij elke stap naar boven misselijker werd. Ik had al een aantal jaren mijn bed niet meer alleen kunnen opmaken en vroeg de jongeman me daarbij te helpen. “Natuurlijk meneer”, zei hij en voegde de daad bij het woord. Gelukkig had ik het bed beneden, want in een stapelbed boven is voor een puber wel spannend maar voor een zestigplusser een gevoel alsof je de Mont Ventoux beklimt.’

‘Ik besloot naar beneden te gaan en daar mezelf voor te stellen aan de anderen. Die waren echter net zo geïnteresseerd in mij als een hond in een blik spinazie. Van een koude kermis thuisgekomen ging ik de trap maar weer op en belandde in kamer 6. Daar bleek een vreemde vent op mijn schone bedje te liggen met z’n schoenen nog aan. Met een klein ‘piep-stemmetje’ waar de doorsnee huismuis jaloers op zou worden vroeg ik hem m’n verse slaaphol te verlaten. Na een vluchtig, “Sorry, maar ik vond dit wel relaxed”, verliet hij m’n bed en droop af. Mijn sociale gevoel liet me in de steek en ik besloot maar zielig en alleen op kamer 6 te blijven.’

‘De volgende ochtend bij het ontbijt viel m’n mond open; er stonden twee mannen/vrouwen de bestelde boterhammetjes te smeren. Alsof ik een klein kind was werd er voor mij ook een boterhammetje gesmeerd. Onder het genot van een halfvolle rundercocktail schoof ik het belegde resultaat naar binnen en beloofde mezelf dit nooit meer te laten gebeuren.’

‘“Half negen, iedereen naar buiten”, klonk het door de gangen en daar stond ik dan op de stoep. Niet wetend wat te doen besloot ik naar het station te lopen met m’n ID-kaart en het kleine beetje geld dat ik nog op zak had. Tochtige hal wel dat station dus ging ik naar het gemeentekantoor dat in hetzelfde gebouw huist. Daar heb ik enige uren doorgebracht. “Dit niet weer”, spookte het door m’n hoofd en na de tweede dag kwam ik terecht bij Perspektief op de Vulcanusweg. Bij de nachtopvang had ik horen zeggen dat je daar een dagbesteding kon vinden. Je kon daar meedoen aan een aantal vormen van dagbesteding,
waaronder: productiewerk, houtwerkplaats, horeca, tweedehandswinkel en klussendienst.’

‘Mijn broze gezondheid bracht me bij productie, waar ik nieuwe contackten legde. Al gauw voelde ik mij op m’n plek en begon het naar mijn zin te krijgen. Onder begeleiding en supervisie van twee struise dames begon ik langzaam los te komen en leerde te relativeren. Iedereen heeft z’n eigen verhaal en is bezig voor zichzelf een nieuw perspektief te creëren, maar dat kan alleen maar als je de ander met z’n verhaal toelaat.’

‘Ik ‘woon’ nu 4 maanden in de nachtopvang en durf te zeggen dat ik m’n tweede familie heb leren kennen en daar ook deel van uitmaak.

Trots? Jazeker
Onzeker? Jazeker
Hard bezig? Jazeker!
Gelukkig? Nog niet, maar met hulp van m’n tweede familie kom ik er wel. Die zijn er altijd voor mij maar ook voor jou.

Iedereen kan dakloos worden, maar het oppakken van een nieuw leven vraagt geduld, energie en doorzettingsvermogen.’

Wil je meer columns lezen van WilFab? Dat kan hier.

Meer informatie over de nachtopvang

Sinds een jaar is de nachtopvang van Stichting Perspektief groot genoeg om iedere dakloze uit Delft op te kunnen vangen. Niemand hoeft dus op straat te slapen! Daklozen moeten een machtiging hebben van de gemeente om naar de nachtopvang te kunnen. Behalve wanneer het vriest: dan is iedereen welkom. Naast nachtopvang biedt Perspektief ook dagopvang en doorstroomvoorzieningen als onderdeel van de maatschappelijke opvang. Daklozen als WilFab kunnen hier onder andere terecht voor een kopje koffie en dagbesteding.

Stichting Perspektief dienstverlening

Nu open09:00 - 17:00

Vulcanusweg 277, Delft

Bekijk meer:dienstverlening

adv.