Delft

×

indebuurt categorieën

Meer indebuurt

Service

Taal is Tims instrument: “Ik haal mijn inspiratie uit mensen zoals Herman van Veen”

Door Iris Olsthoorn 27 december 2016

Eigenlijk wilde hij het liefst dat deze rubriek deze week werd omgedoopt tot ‘Delvenaar’ van de week: Tim van den Eijk heeft zijn liefde voor de Nederlandse taal van zijn opa overgenomen en gebruikt dat nu in zijn werk.

“Ik mocht van mijn opa ‘van den Eijk’ nooit afkorten tot ‘vd’”, vertelt Tim. “Hij was een man die zijn paperclips en punaises keurig in aparte bakjes op zijn bureau hield. Zo ging hij ook met taal om – alles moest precies. Dat talige heb ik wel van hem overgenomen.” Tim is geboren en getogen in Delft en vroeg ons onlangs het verschil tussen Delftenaar en Delvenaar nog eens aan iedereen uit te leggen. “Maar ik wil geen vervelend iemand zijn die ‘dan’ en ‘als’ steeds zit te verbeteren”, lacht Tim, “spelen met taal is ook belangrijk.”

Nederlands is niet stoffig

Voor Tim betekent taal zijn brood verdienen én zijn creatieve ei kwijt kunnen. Bij zijn eigen bedrijfje Uitgesproken Gasten verzint hij samen met compagnon Nick slogans, reclamecampagnes en meer. Bij het collectief Rapaille schrijft hij teksten. Rapaille maakt muziek, poëzie en proza. En dat alles in het Nederlands: “Mensen denken bij Nederlandse muziek al snel aan Frans Bauer. Bij onze teksten draait het om de inhoud. We willen laten zien dat Nederlandse taal echt niet stoffig is.” Onder zijn grote voorbeelden schaart Tim artiesten als Herman van Veen en Stef Bos. “Maar ook Lucky Fonz III vind ik gaaf.”

Woordenaar

Rapaille is een bijzonder samenwerkingsverband tussen een vaste kern en wisselende kunstenaars. “Twee dagen voor het Fringe Festival in Delft heb ik met een goede vriend van mij, Daan, bedacht dat we iets moesten doen. Sindsdien zijn we eigenlijk al twee en half jaar bezig.” Ze hebben er nu zelfs een theatertour op zitten, die begon en eindigde in het Delftse Rietveld theater. Tim zingt, of eigenlijk toch niet: “Ik ben geen zanger. Maar het is ook geen rappen. Ik ben eigenlijk een woordenaar.”

De theatershow onder de naam ‘Fucking Vrijheid’ gaat over de enorme keuzevrijheid die wij in Nederland hebben, tegenover de leven-of-dood keuzes waar vluchtelingen die in een bootje op zee stappen mee te maken krijgen. “Wij hebben het hier zo makkelijk. We hebben zo veel te delen. Dat is politiek gezien wel een gevoelig onderwerp. Bij Rapaille zijn we allemaal jong en we willen helemaal niet zeggen dat we het beter weten. De show was bedoeld om aan te zetten tot denken en om in gesprek te raken.” Afgelopen vrijdag gaf Rapaille een optreden in Barbaar en nu gaan de leden van het collectief even een half jaar met vakantie.

 Creating history

Als echte Delvenaar is Tim trots op de geschiedenis van Delft en op de ontwikkelingen die de stad doormaakt. Toch vindt hij dat dat er nog iets cruciaals mist voor creatieve jongeren: “Er zijn heel veel festivals en dat is supergaaf, maar de route voor een goed idee of initiatief is nog heel lastig. Als je bij de gemeente aanklopt met iets nieuws op kunstgebied zijn ze enthousiast, maar ze geven geen handvatten voor de uitwerking ervan.” Als echte taalfanaat legt Tim dit uit met de slogan van Delft: “De slogan luidt ‘creating history’. Dan denk ik, waarom niet iets in het Nederlands? En, streep dat creating maar door. Delft is levend en heeft een prachtige geschiedenis, maar zolang het niet makkelijker wordt om iets voor elkaar te krijgen is van creëren geen sprake.”

We zijn allemaal zeikerds

Tim creëert het liefst samen: “Van samenwerken komen gewoon de mooiste dingen.”  Samen met zijn vrienden heeft hij drie jaar lang ‘het kleinste festival van Delft’ georganiseerd. Gewoon in zijn achtertuin. “De laatste keer hadden we acht bandjes en stonden er ook ineens twee DJ’s die onlangs op Amsterdam Dance Festival hadden gedraaid. De entree was iets te eten of drinken, dat maakte de sfeer zó relaxt.”

“Maar eigenlijk zijn we allemaal zeikerds. Ik ook”, concludeert Tim. “We zeggen allemaal ‘er zijn geen leuke clubs in Delft’ maar ondertussen gaan we ook niet kijken als er in Delft iets nieuws opent. En er is hier al zo veel. Je kan zoveel zelf doen. En ga maar eens naar iets als het Rietveld theater. Kan je gewoon op de avond zelf een kaartje kopen en met een biertje in de hand voor maar zes euro genieten van iets moois.”

Delftenaar van de Week

Iedere week interviewen we een Delftenaar over zijn of haar bezigheden. En waarom vindt hij of zij Delft zo mooi? En wat kan er beter? Dat levert bijzondere verhalen op, die allemaal hier terug te vinden zijn. Vorige week spraken we met dominee Arnold. 

Ken jij iemand die echt Delftenaar van de Week moet worden? Geef hem of haar op bij de redactie.

adv.