Delft

×

indebuurt categorieën

Meer indebuurt

Service

Nina Voets: ‘Mensen in de club moeten denken: Wat is Delft eigenlijk tof!’

Door Jantine van den Hoven 18 oktober 2016

“Ik begon met Club Ciccionina omdat ik een goede club miste in Delft”, zegt Nina Voets. Acht jaar later is Club Ciccionina een succes, maar in de rest van het Delftse uitgaansleven is volgens Nina ‘niet veel veranderd’. De Delftse vindt het zelf ook treurig en deprimerend klinken, maar kan wel melden dat ze met haar eigen club haar uiterste best doet om het tot een toffe plek te maken.

Nina groeide op in Delft, studeerde aan de kunstacademie en later filosofie. Ze woonde in verschillende kraakpanden, ook in Delft. Hoewel ze dus heel wat anders studeerde, was ze toch op haar 19e al bezig met het organiseren van feestjes. Nina woonde met haar Delftse vriendengroep in wat zij ‘Het Lab’ noemden: het voormalige ‘Laboratorium voor Algemene en Analytische Chemie’ aan de Michiel de Ruyterweg.

Cameltoe-party’s

“We organiseerden er de Cameltoe-party’s. Het was echt geweldig. Elk feest had een thema, we verbouwden en schilderden dan het hele pand. Er gebeurden de gekste dingen. Iedereen moest ook echt in een goede outfit komen, anders kwam je er gewoon niet in.  Op een gegeven moment groeide dat uit tot een feest waar wel zo’n 800 tot 1000 man op af kwam”, vertelt Nina. Als je feesten gaat organiseren word je volgens Nina ‘vanzelf handig’.

Creatieve TU’ers moeten betrokken blijven

nina-voets-1
De oorsprong van de naam van Club Ciccionina ligt bij de Italiaanse pornoster Cicciolina. Ze heeft een speciale plek in de hal.

Inmiddels zit Nina al 8 jaar met Club Ciccionina in de Kromstraat, ze runt de club samen met Cas Marks. “Ik vind de balans tussen jongeren en studenten erg belangrijk. Het blijft gek dat er op 16.000 studenten in een stad met 100.000 inwoners geen zaal is waar je met een goede 500 man in kan. Op de TU zitten zoveel creatieve mensen, veel DJ’s, ik vind het onze taak dat die betrokken blijven in Delft.” Datzelfde geldt voor de jongeren die opgroeien in Delft. Nina denkt dat als mensen echt naar een grote stad willen verhuizen, ze dat toch wel doen. “Maar ik vind niet dat mensen vanuit een soort culturele armoede naar Den Haag of Rotterdam moeten vertrekken.”

‘Wat is Delft eigenlijk tof zeg’

En dus heeft Nina een duidelijk doel met haar club, waar ongeveer 200 mensen in passen en waar vanaf dag 1 rijen voor de deur staan. Bij Ciccionina wisselen de studenten en de Delftse jongeren elkaar af. “Je wilt gewoon dat mensen hier staan en denken: ‘Wat is Delft eigenlijk tof zeg’. En dat ze dan beseffen dat het extra bijzonder is om zoiets te hebben in zo’n kleine stad.”

Voor eigen kostje zorgen

Als Nina niet bezig is met haar werk voor de club, is ze bezig met de organisatie van de Delftse museumnacht en gaat ze op pad met haar vriend en zoontje van twee. “Ik vind het leuk om de natuur in te gaan en voor mijn eigen eten te zorgen. In Nederland kun je echt heel goed paddenstoelen plukken. In Delft en omgeving is niets te vinden, voor de bijzondere natuurgebieden moet je verder weg. Kokkels zoeken in Zeeland of op Terschelling. Maar ook kastanjes, walnoten en beukennootjes. Mijn zoontje vindt dat natuurlijk ook geweldig, iets vinden en dat later op zijn bord terugzien.”

‘Ineens groeiden er viooltjes in de Kromstraat’

Van de natuurgebieden rond Delft is Nina niet per se fan, maar in de stad zit veel schoonheid. “Delft heeft zó’n mooie binnenstad, ik ben er door geïndoctrineerd. Als Delft je standaard is, kun je gewoon niet genieten van een binnenstad  zoals in Rotterdam.” Genieten in haar eigen stad lukt Nina zeker. Eén favoriete plek noemen is lastig, het zit volgens haar in kleine dingen. “Het hoge water in de gracht van het Rietveld bijvoorbeeld. Of in de Laan van Overvest, dat is een heel on-Delfts straatje. Het is er heel groen en soms zie je er zelfs een egeltje rondlopen.” Het toppunt was wel dat er ineens viooltjes groeiden in de Kromstraat. “Dat verzin je toch niet, zulke kleine bloemetjes tussen alle stenen in een uitgaansstraat.”

Blijven dromen

Nina blijft uitkijken naar een grotere locatie voor de club in Delft. “We hebben een plan ingediend voor het legermuseum, hebben gesproken over het ketelhuis en een bod gedaan op het oude station. Maar dat is allemaal niets geworden, helaas.” De zoektocht wordt niet opgegeven. “Maar we moeten niet door te dromen de focus verliezen op wat we hier hebben.”

Delftenaar van de Week

Iedere week interviewen we een Delftenaar over zijn of haar bezigheden. En waarom vindt hij of zij Delft zo mooi? En wat kan er beter? Dat levert bijzondere verhalen op, die allemaal hier terug te vinden zijn. Vorige week spraken we met Jolanda Gaal, het raadslid van Onafhankelijk Delft met haar hart op de tong.

Ken jij iemand die echt Delftenaar van de Week moet worden? Geef hem of haar op bij de redactie.

adv.