Delftse Carla had baarmoederhalskanker: ‘Vrouwen, laat dat uitstrijkje maken!’

Door Iris Olsthoorn 11 juni 2019

Het zal je maar overkomen: je gaat naar de dokter met wat vage klachten en je wordt per direct doorgestuurd naar het ziekenhuis. Een paar testen later blijkt dat je een tumor van zo’n zeven centimeter rond je baarmoederhals hebt. Het gebeurde de Delftse Carla zo’n jaar geleden: “Ik wil mijn ervaring gebruiken om te zorgen dat meer vrouwen meedoen aan het bevolkingsonderzoek. Op tijd ingrijpen kan écht je leven redden.”

Voor Carla is het nu ongeveer een jaar geleden dat de medische achtbaan begon. Omdat het allemaal nog redelijk vers is, wil Carla niet met haar achternaam genoemd worden in het interview. “Rond kanker hangt een taboe, ik wil niet dat dat voor altijd aan me blijft plakken. Maar ik vind het wel belangrijk om iets met mijn ervaring te doen.”

Leven op z’n kop

Toen de tumor bij Carla ontdekt werd, stond haar leven op z’n kop. “Tijdens een bezoek aan de huisarts bleef ik bloeden. Ik werd meteen doorgestuurd naar het Reinier de Graaf Gasthuis, waar ‘hapjes’ van het weefsel genomen werden voor onderzoek. Ik kreeg daarna vrij snel te horen dat het om baarmoederhalskanker ging. Binnen drie weken lag er een compleet behandelplan van zeven weken, wat in het LUMC in Leiden uitgevoerd zou worden. Ik rook niet en drink niet, ik leefde gezond, dus ik verwachtte helemaal niet dat zo’n nare ziekte mij zou raken. Ik kreeg chemo, uitwendige- en inwendige bestraling. Elke dag werd ik behandeld, ik voelde me echt doodziek. Toch probeerde ik positief te blijven; van stress wordt je lijf alleen maar zwakker.”

‘Laat je controleren!’

Mensen bang maken wil Carla absoluut niet. “Mijn verhaal is niet het verhaal van iedere vrouw met baarmoederhalskanker. In sommige gevallen kan het véél eerder worden ontdekt, en is het makkelijker te behandelen.” En juist daarom roept ze iedereen op om op tijd naar de dokter te gaan bij klachten én om mee te werken aan het volksonderzoek naar baarmoederhalskanker. Iedere vrouw boven de dertig krijgt elke vijf jaar een oproep. “Het is natuurlijk geen garantie dat je het nooit krijgt. Maar het kan tijdens zo’n onderzoek ook al in een voorstadium ontdekt worden. Dat scheelt je een hele nare behandeling en kan écht je leven redden.”

Toch snapt Carla wel dat veel mensen afzien van het gratis onderzoek. “Het uitstrijkje wordt gedaan met behulp van een zogenaamde eendenbek. Heel veel vrouwen vinden dat oncomfortabel of zelfs pijnlijk.” Daar kan de TU iets aan doen, vindt Carla. “Er worden zoveel mooie dingen ontworpen. Daarom wil ik de afdeling die medische instrumenten ontwerpt, oproepen een vrouwvriendelijke instrument te maken. Op die manier wordt de barrière voor vrouwen minder groot om zich te laten onderzoeken.”

Nasleep

Inmiddels gaat het met Carla redelijk goed. “Ik ben nog niet officieel ‘schoon’ verklaard, maar op de laatste checks was er geen kanker meer te zien.” Toch leeft ze nog dagelijks met de nasleep van de ziekte: “Ik heb nog steeds weinig energie. Ik kan bijvoorbeeld nog niet volledig aan het werk. Dat is ook niet zo vreemd, want bestraling en chemo doen vervelende dingen met je lijf. Toch heb ik geluk gehad: er zijn ook vrouwen die het niet overleven.”

Als Carla dan nog één ding mee mag geven, is dat doneren aan KWF écht helpt. “Ik was me er nooit zo van bewust, maar de specialistische Brachytherapie die ik kreeg in het LUMC, was er zonder donaties voor onderzoek nooit geweest. Er is geld nodig, zodat steeds meer mensen kanker overleven.”

adv.