Bergenaar van de Week

Brandweerman Rob blust al tien jaar in Bergen: ‘De meest bizarre brand was bij de Goudbaard’

14 november 2017

Bij elke grote brand of beknelling in een auto zie je ze: de stoere mannen en vrouwen van de brandweer. Maar hoe is het eigenlijk om een brandweerman te zijn? We vroegen het aan Rob Hermans: “Het is de binding met je ploeg, de onverwachtse uitrukkingen, soms mooie branden, soms vervelende, maar ook de dankbare dingen die je doet.”

Rob is begonnen als medewerker dagdienst: een klusje hier, boodschapje daar. Natuurlijk met als doel om binnen te komen bij de échte mannen. In 2010 ging er iemand weg uit de 24-uursploeg en kwam er een plekje vrij voor Rob. “Het is echt geweldig.”

brandweerman-rob-hermans2

Goudbaardbrand

Intussen is Rob al tien jaar brandweerman en heeft hij veel meegemaakt: “De meest bizarre brand was bij de Goudbaard. We zijn ver gegaan, achteraf te ver.” Ondanks de grootte van de Goudbaardbrand, viel er gelukkig geen enkel slachtoffer. “Je komt aan, ziet alleen maar rook en paniekerige mensen. Wat het mooie is aan de ploeg, je bent zo ingespeeld op elkaar. Aan een half woord heb je al genoeg. Maar wat zo bizar was aan deze brand: je zag niks, je hoorde heel veel banden en airbags klappen. Er was zoveel hitte, maar doordat de warmte opstijgt word je zelf naar beneden gedrukt. Het leek wel oorlog, dat was echt bizar. Ik hoop zoiets niet meer mee te maken.”

“Achteraf heeft het zoveel goeds gedaan: ook al heb je geen dienst dat je toch iemand kan redden.”

Die geur herken je gelijk

Maar ondanks die nare dingen, maakt Rob ook veel mooie dingen mee: “Op Koningsnacht twee jaar geleden was ik zelf vrij. Op de terugweg fietste ik met een maatje door de Zuidsingel waar ik een brandgeur rook. Ik dacht gelijk dit is geen barbecue of vuurkorf, maar gewoon een brand. Die geur herken je als brandweerman meteen. Dus ik stopte, liep een paar voordeuren langs en hoorde het knetteren achter een deur. Verdorie, hier zit gewoon een brand. Dus die vriend van mij wilde al een ruit inslaan, waarop ik zei: ‘niet doen, niet doen’, dan ga je juist de brand voeden met zuurstof. Ik heb meteen 112 gebeld en mijn collega’s kwamen met toeters en bellen aanrijden.”

Koningsnacht met een gouden randje

Ongelofelijk hoe zelfs een vrij avondje kan lopen: “Uiteindelijk werd het een middelbrand en kwam er zelfs een hoogwerker en twee tankspuitwagen bij. Er bleek dus ook nog een vrouw binnen te slapen, bedwelmd in de rook. Die heeft het nog gered, gelukkig! Achteraf heeft het zoveel goeds gedaan, ook al heb je geen dienst dat je toch iemand kan redden. Dat heeft me echt een kick gegeven. Haar zoon kwam laatst nog langs om te vertellen dat hij zo dankbaar is dat we zijn moeder hebben gered. Daar doe je het voor, om de burger te helpen!”

“Iedere beweging die wij met de auto maakten voelde hij. Dan ben je een uur bezig met puzzelen”

Niet met de paal naar beneden

Gelukkig is er niet elke dag een grote brand om te blussen. “We moeten bijvoorbeeld ook mensen uit beknellingen redden. Zo was er laatst een flinke botsing tussen twee auto’s waarbij een man bekneld raakte met een stuk van het dashboard in z’n knie. Iedere beweging die wij met de auto maakten voelde hij. Dan ben je gewoon een uur bezig met puzzelen, héél voorzichtig, daarna ben je best kapot…” En wat nou als er niets te blussen of te redden valt? “Mensen denken dat wij binnenkomen en een hele dag kaarten, biljarten of op ons gat zitten, maar nee… We zijn toch echt wel serieus bezig. We hebben ook geen paal, net als vroeger, om naar de auto’s te glijden.”

Nog half nat op pad

Als brandweerman kan je tijdens de dienst 24 uur lang opgeroepen worden. In de praktijk is dat zo’n twee à drie keer per dag: “Als we bijvoorbeeld een zwemoefening in de Schelp hebben, rijden we daar met brandweerwagens naartoe. Als de pieper gaat, moeten we zo snel mogelijk het zwembad uit, nog half nat het pak in én gelijk door. Ook ’s nachts als je ligt te slapen staan we binnen één minuut klaar.” Wat als iemand toch wat later is? “Ja dan roepen we natuurlijk wel even: wat duurde dat lang, zat je op de wc of zo”, lacht Rob.

brandweerman-rob-hermans

Het dankbare werk van een brandweerman

Onderling hebben de mannen veel lol, dat kan ook niet anders als je telkens 24 uur samenwerkt.  “Natuurlijk vinden we het gaaf om een mooie brand te zien, maar wij vinden het ook niet fijn om iemands dierbare spullen te zien afbranden. Maar als je een keukenbrand hebt en je kan die dierbare foto’s behouden, zijn mensen daar dankbaar voor. Dat is mooi!” Raak je dit zware werk nooit beu? “Nee! Het is de binding met je ploeg, de onverwachtse uitdrukkingen, soms mooie branden, soms vervelende, maar ook de dankbare dingen die je doet. Dat maakt het vak echt mooi!”

Bergenaar van de Week

Ken jij een stadsgenoot met een leuk verhaal die ook Bergenaar van de week zou moeten worden? Laat het ons weten!

Foutje gezien?

Lees mee en reageer!

Reactie